Ontwerp en constructie
Hunter bouwde de romp van de 45 DS met een glas-met-balsahouten kernlaminaat boven de waterlijn en massief glas daaronder, terwijl het boeglaminaat is versterkt met Kevlar-lagen voor extra slagvastheid bij het ankeren. Het interieur is vooraf gemonteerd als modulaire componenten die in een enkele gegoten structurele rasterstructuur passen; schotten zijn in dat raster ingelamineerd en ook aan de romp erboven, en het hele rastermodule wordt in de kielkoker gelamineerd en gekit met Plexus-kit. Het dek is mechanisch vastgezet en aan de buitenflens van de romp gelijmd met 3M Marine 5200. Het interieur in kersenfineer maakt gebruik van een filmfineerlaag over maritiem multiplexlaminaat, wat de werf omschrijft als taai en moeilijk deukbaar. Voordat elk model de lijn verlaat, test de directeur van Hunter voor zeilboten het raster-en-kielpakket door elke nieuwe romp tien keer of meer hard op de grond te lopen om zwakke plekken bloot te leggen. (1)
Tuigage, kiel en weggedrag
Henderson gaf de 45 DS lage masten om de zeilen hanteerbaar te houden en onder bruggen langs de ICW door te kunnen, en de rompen zijn stabiel maar bieden weinig weerstand, waardoor ze goed op het anker varen. De boot is uitgerust met een nieuw ontwikkelde massief ijzeren kiel in versies met diepe en geringe diepgang; de seriegebouwde ijzeren kiel heeft dezelfde stabiliteit als het prototype dankzij een lichte vergroting van de vleugels bij geringe diepgang. Vergeleken met de 44 DS is de kiel kleiner en het roer groter, waardoor de boot sneller is bij licht weer en gemakkelijker te sturen valt. Henderson omschrijft dit als boten met grote roeren en kleine kielen die nodig hebben om met de voeten te sturen in plaats van met de handen, en de holle boegen dragen verder door elke golf zonder omhoog te springen. Het zeilpunt en het lateraalvlak van het onderwaterschip werden dichter naar elkaar toe verplaatst om de loefgierigheid te verminderen. In een vlakwatertest voor de kust van St. Augustine bij 6 tot 8 knopen wind liep het prototype met geringe diepgang — uitgerust met een experimentele gietijzeren kiel met loden bulb en een driebladige schroef — consequent boven de 5 knopen en bereikte soms 6 knopen. Een Lewmar-stuurinrichting met directe schroefasverbindingen naar de roerkoker zorgde voor een soepel en bevredigend zeilgedrag. (1)
Kuip en dekindeling
De kuip volgt een bekend indeling met dubbele stuurwielen, maar de tafel op de hartlijn heeft ronde hoeken en dient als goede steun in zeegang. Een beugel over de kuip draagt een 4:1 Harken-overloop boven een T-top bimini. De dubbel eindige grootschoot is slim geleid: één deel loopt door een Spinlock valklem naar een elektrische Lewmar lier die ook het bakstagzeil bedient, terwijl het andere deel conventioneel naar een andere Lewmar schootlier op het kajuitdak leidt, die snel bereikbaar is vanaf beide stuurstanden.
Accommodatie
Benedendeks zijn de verhoogde salon en kombuis uitstekende leefruimtes die optimaal profiteren van de zichtlijnen via zes redelijk grote patrijspoorten en een centrale luikopening in het plafond. Er is voldoende opbergruimte onder de vlonder. Aan bakboord heeft de kombuis in L-vorm op het binnenseinde een van vloer tot plafond reikende steunpilaar voor extra stevigheid, met sterke, grippelementen en hoekverbredingen waardoor het aanrechtblad gemakkelijk schoon te vegen is. De Force 10 propaankookplaat is op zee kantelbaar opgesteld naast een magnetron en een van voren openende Waeco-koelkast. Aan stuurboord bevinden zich de eigenaarshut met douche en een naar voren gerichte kaartentafel. Voorin leidt een tree naar beneden naar een Pullman-kooi voor twee personen van bijna 1,98 m lengte, en een natte cel met douche neemt de boeg in beslag. Het enige compromis in de achterhut is een grote eilandkooi voor twee personen met wat beperkte stahoogte.
Productieverbeteringen
De directeur van Hunter voor de oceaanzeiler merkte op dat het ontwerpteam de productieversie aanpaste door het brugdek 8 inch naar achteren te verlengen, de zachte plafondpanelen strakker te maken en het ankerpunt van het kooi-matras te verlagen. Dit waren aanpassingen aan het in de vaart gebrachte prototype, niet aan de onderliggende structuur. (1)
Het oordeel
De Hunter 45 DS is een doordacht ontwikkelde deksalon-toerzeiler die wat stahoogte in de achterhut opoffert voor lichte, praktische leefruimtes en een romp die is getuned voor snelheid bij licht weer en weinig loefgierigheid. De modulaire rasterconstructie en de bewuste grondproeven getuigen van een productieproces dat is gebouwd rond constructieve betrouwbaarheid.
Pluspunten
- Stabiele romp met weinig weerstand en holle boegen die de golfopvang verzachten
- Gietijzeren kiel in zowel diepe als geringe diepgang, met gelijke stabiliteit in de ondiepe versie
- Lichte verhoogde salon en goed gedetailleerde kombuis in L-vorm
- Kuip met dubbele stuurwielen, tafel die uitstekend als steun dient en slimme routering van de grootschoot
Minpunten
- De achterhut heeft een wat beperkte stahoogte
- Lage masten beperken het zeiloppervlak ten opzichte van tijdgenoten met een hogere tuigage







