Ontwerp en constructie
De Freedom 32 werd gebouwd door TPI in Warren, Rhode Island, en de boot werd gebouwd door Tillotson-Pearson Industries, een groot voorstander van de constructie met een balsahouten kern. Zowel de romp als het dek hebben een balsakern, wat een recensent met karakteristieke voorzichtigheid opmerkte gezien de vochtgehalte-risico's die dergelijke kernen met zich meebrengen; TPI was een van de eerste seriebouwers die vinylesterhars op de buitenste laminering aanbracht om osmose te beperken, en de aandacht voor detail van de werf werd uitstekend beoordeeld. De Freedom 32 dateert van vóór de gepatenteerde SCRIMP-harsinfusiemethode van TPI, dus het glaswerk bestaat voornamelijk uit conventionele E-glasmat en unidirectionele weefsels. Het uitgebalanceerde polyester roer draait op een roestvrijstalen roerkoning, en de stevige multiplex schotten zijn voorzien van teakhoutfineer en zijn stevig aan de romp gelamineerd. De ballast is lood, laag genoeg geplaatst om een vrij diepe bilge te realiseren, terwijl de breedte van 12 voet en 3 inch die ver naar achteren doorloopt, de romp veel initiële stabiliteit geeft en helling beperkt. De verjongde carbon mast is op de kiel geplaatst en was voor de oorspronkelijke eigenaar levenslang gegarandeerd — een klein comfort voor latere kopers. Exterieurteak is minimaal, beperkt tot handgrepen en de kanalen van de kajuittrap, wat het onderhoud beperkt. (2)
Tuigage en bediening
De tuigage van de Freedom 32 is haar kenmerkendste eigenschap: een vrijstaande, ronde carbon mast die een rondspant grootzeil met volle bindraven en een roach van 400 vierkante voet draagt, gecombineerd met een zelfkerende Camberspar fok van 105 vierkante voet. Omdat er geen achterstag is, kan het grootzeil een extra grote roach dragen en fungeert het als het werkpaard; eenvoudig bindrif met een enkele lijn is standaard, en het kleine voorzeil dient ook als stormfok. Alle zeilbedieningen, inclusief de spinnaker, lopen naar achteren naar de kuip, en de gepatenteerde Hoyt Gun Mount stelt een bemanning in staat om een spinnaker te hijsen, te trimmen en te strijken vanuit de veiligheid van de kuip, met behulp van een roterende buis op een robuuste boegpreekstoel en een val in plaats van een spinnakerboom. Dit is een echt eenvoudig te hanteren toerjacht — overstag gaan is moeiteloos met de zelfkerende fok en het grootzeil, en de grote breedte in verhouding tot de lengte maakt de boot redelijk stijf. Op de motor zorgen de driecilinder Yanmar 22 pk dieselmotor en de wendbare romp ervoor dat ze soepel aanmeert en afmeert, en ze varen uiterst zuinig. Ze presteert het beste bij snelheid op ruime koersen, waar een snelheid van 7 knopen op de knoopmeter niet ongewoon is, en ze kan vol tuig varen tot ruim 20 knopen wind. (2)
Desalniettemin brengt het catboot-erfgoed ook eigenaardigheden met zich mee. Zo ontwikkelt de 32, net als alle catboats, loefgierigheid aan de wind, hoewel eigenaren opmerken dat wat roerdruk ook helpt bij het zelfsturen; Practical Sailor stelde vast dat ze onder de meeste omstandigheden veel aandacht aan het roer vraagt en dat koersvastheid niet haar sterke punt is. Bijliggen is voor de catsloop niet haalbaar — een beperking die overigens gedeeld wordt met de meeste moderne sloepen met vinkiel. De standaardmotor is klein voor de romp van 4.100 kg, maar hij is betrouwbaar en zuinig, en de toegang is uitstekend dankzij de motor die onder de banken van de dinette aan bakboord is geplaatst.
Accommodatie
Benedendeks biedt de Freedom 32 twee aparte tweepersoonskooien met een stahoogte van net iets meer dan 1,80 meter, een comfortabele salon en een functionele, zeewaardige kombuis. De kombuis in L-vorm bevindt zich voorin aan bakboord, met een tweepits kookplaat met oven aan de buitenkant, een grote koelbox en twee goed gesorteerde spoelbakken; warm en koud water onder druk was standaard. Er is weinig werkruimte op het aanrecht, hoewel een bij een keuring gekeurde boot een uitneembaar paneel boven het kookvlak had. Daartegenover bevindt zich een natte cel met douche en een natte kast, met een opstapelbare kaartentafel vlak voorin die ruimte biedt voor opbergruimte eronder. De achterhut ligt aan bakboord onder de kuip, is bereikbaar vanuit de kombuis en beschikt over een hangkast en opbergruimte onder de kooi; door de motor midscheeps te plaatsen kon deze hut worden vergroot en werd het gewicht beter verdeeld. Voorin is de V-kooi ongeveer 1,95 meter lang, met een optionele toiletten met wastafel die nooit populair werd. De U-vormige dinette aan bakboord in de salon heeft een tafel die kan worden uitgeklapt naar de bank aan stuurboord of kan worden neergelaten om een tweepersoonskooi te vormen; de bank aan stuurboord is de beste zeekooi en moet voorzien zijn van een zeilgordijn. Teakhouten multiplex schotten, een essen plafond boven de romp en een teak-en-hulst vlonder geven het interieur een afwerking die een eigenaar toeschreef aan ambachtslieden uit New England.
Bekende problemen
De balsakern vereist respect: delaminatie kan optreden wanneer er nieuwe huiddoorvoeren worden geplaatst of vervangen, dus het droog houden van de kern is essentieel en elke lekkage in het dek moet onverwijld worden verholpen. De carbon mast moet worden gekeurd door een ervaren tuiger, aangezien Freedom zijn eigen masten bouwde en vroege boten wat problemen vertoonden. Het staand want is geen ouderdomsprobleem, maar het lopend want, de veiligheidsgordijnen en de kielbouten verdienen wel inspectie. Eigenaren merken over het algemeen op dat het lastig is om genoeg opbergruimte te vinden voor proviand tijdens lange reizen. Er werd ook gewaarschuwd tegen de optionele watertank in de V-kooi voorin, die niet alleen 350 pond aan boord toevoegt, maar waarvan het afvoermond bij volle tank boven het water kan komen te liggen; een volle standaard tank aan stuurboord kan bovendien een helling van 3 graden veroorzaken.
Het oordeel
De Freedom 32 is een opvallende toerzeiler die conventionele tuigage inruilt voor moeiteloos vaargedrag en een ruim, goed afgewerkt interieur. Ze heeft oceanen overgestoken en een vaste aanhang verworven onder openhartige blauwwaterzeilers, maar haar eigenschappen als catboot — loefgierigheid, een onverschillig koersgedrag en het ontbreken van een hefboom — vereisen een alerte hand. Voor een sabbatical of een kusttocht met een kleine bemanning zijn de vrijstaande mast en de bedieningsvoorzieningen rondom de kuip echter een ware meerwaarde.
Pluspunten
- Eenvoudige zeilbediening vanuit de kuip met zelfkerende fok en grootzeil
- Ruime indeling met twee hutten, een stahoog kaartentafeltje en een zeewaardige kombuis
- Minimale onderhoudskosten dankzij weinig teak aan de buitenkant en geen vinylesterblazen
- Stijve, stabiele romp met uitstekende toegang tot de motor
Minpunten
- Romp en dek met balsahouten kern vereisen een waakzame vochtbestrijding
- Vroege carbon masten en gieken hadden problemen; deskundige inspectie noodzakelijk
- Beperkte voorraadopslag en vreemd gedrag bij het balanceren van de watertanks
- Geen boot die stilvalt of koers houdt zoals een conventionele sloep met vinkiel









