Ontwerp en constructie
Petterson gaf de Maxi 100 een monohullvorm met een waterlijnlengte van 25 voet 6 inch binnen een lengte over alles van 34 voet 5 inch en een breedte van 10 voet 6 inch, wat een L/B-verhouding van 2,91 oplevert die de boot slank houdt zonder dat hij smal wordt. Zowel de romp als het dek zijn van polyester, maar het dek is opgebouwd als een sandwichconstructie om het klimaat in de kajuit te temperen, terwijl de romp geen kern bevat. Haar ijzeren vinkiel steekt afhankelijk van de belasting ongeveer 5 voet 1 tot 5 voet 4 inch, waardoor ze in de meeste jachthavens kan aanmeren. De ballastverhouding van 36 procent met 3.527 pond ijzer laag in de romp geeft haar een kapseiscoëfficiënt van 1,90 en een verplaatsing-lengteverhouding van ongeveer 270 — een getal dat haar plaatst onder de gematigde wedstrijdboten, en niet onder zware toerjachten of lichtgewicht sprintboten. Het natte oppervlak bedraagt ongeveer 301 vierkante voet, en haar diepgang van 945 pond per inch laat zien hoe stabiel ze voorraden en bemanning draagt. (1)
Tuigage en vaareigenschappen
De boot is een toptuigage sloep met 387 vierkante voet zeiloppervlak op een tuigage waarvan de SA/D 12,2 bedraagt met het ISO-vergelijkingszeil en 14,4 zodra er een genua van 135 procent wordt gestoken. Deze spreiding tussen zeiloppervlak en waterverplaatsing, gecombineerd met een verplaatsing-lengteverhouding (D/L) van 270, ondersteunt een theoretische rompsnelheid van bijna 6,8 knopen en een Relative Speed Performance-index van 18. Haar comfortverhouding ligt tussen 22,5 en 26,8, een bereik dat duidt op een acceptabel bewegingsprofiel voor een boot van dit gewicht, zonder te beweren dat ze zacht vaart. Het roer aan skeg en de vinkiel geven haar de koersvastheid die u van dit type verwacht, en de cijfers beschrijven een boot die is gebouwd om onder zeil te bewegen in clubwedstrijden en weekendtochten, en niet om op open zee de snelste te zijn.
Accommodatie
Benedendeks is de Maxi 100 uitgerust met zes of zeven slaapplaatsen, een kombuis en een toilet, en het interieur is voorzien van teak — het standaard Scandinavische houtwerk uit die tijd. Het aantal slaapplaatsen plaatst haar in het segment van gezins-toerzeilers voor een 34-voets boot, en de kombuis en natte cel maken haar zelfvoorzienend voor kusttochten. Het volume in de kajuit profiteert van de isolatie van het sandwichdek, wat in het ontwerp is bedacht als een stap voorwaarts in leefbaarheid ten opzichte van een massief enkelwandig plafond.
Het oordeel
De Maxi 100 is een door Petterson gebouwde cruiser-racer van bescheiden productie, precies binnen het segment van gematigde waterverplaatsing en gebouwd met een praktisch polyester sandwichdek over een massieve romp. Haar cijfers beschrijven een uitgebalanceerde kustzeiler: genoeg ballast en zeil om te presteren, genoeg slaapplaatsen en kombuis om mee te toeren, en een diepgang die haar toegankelijk houdt. Het is geen volumineuze moderne toerzeiler noch een pure wedstrijdboot, maar een samenhangend ontwerp uit de vroege jaren tachtig van een productieve Zweedse ontwerper.
Pluspunten
- Minder dan 200 gebouwd, een beperkte en herkenbare productieserie
- Sandwichdek verbetert het kajuitklimaat ten opzichte van massief laminaat
- 6–7 slaapplaatsen met kombuis en toilet voor kusttochten
- Gematigde wedstrijd-DL-verhouding en 14,4 SA/D met genua tonen echte zeileigenschappen
Minpunten
- Gietijzeren kiel in plaats van loden, met de daarbij horende corrosiegevoeligheid
- Beperkte watercapaciteit van 26 gallon beperkt de zelfvoorzienendheid tijdens langere reizen
- Kleine productieserie betekent minder reserveonderdelen en vergelijkbare boten op de markt










