Ontwerp en constructie
De romp van Gaubert is een massief polyester monohull met een vinkiel, gebouwd in Frankrijk en door de fabrikant als onzinkbaar geclassificeerd. De Challenger Bravo (zonder spuitkap) meet volgens de fabrikant 7,90 meter lengte over alles en 2,95 meter breedte, terwijl een latere technische beoordeling een romplengte van 7,70 meter en een breedte van 2,90 meter vermeldt; beide beschrijven hetzelfde programma van toerzeilboten. Ze heeft een waterverplaatsing van ongeveer 1.820 tot 1.900 kg en een loden ballast van 1.543 lbs, wat een ballastverhouding van bijna 38 procent oplevert — hoger dan de 42 procent van vergelijkbare ontwerpen, maar nog steeds geassocieerd met een ondergemiddelde weerstand tegen helling. Met een lengte-breedteverhouding van 2,76 en een nat oppervlak van bijna 24 vierkante meter leest ze meer als een ruime kusttoerzeiler met matige diepgang dan als een slanke wedstrijdboot. (1)
Tuigage en handling
De Bravo is een masttop-sloopgetuigde boot met een gemeld zeiloppervlak van 36,50 vierkante meter. De verhouding tussen zeiloppervlak en waterverplaatsing staat op 22,94, een gematigd getal dat past bij een toerconcept en niet bij een lichtgewicht planerende romp. De kapseiscoëfficiënt ligt op 2,28, een getal waarmee ze voor oceaanwedstrijden zou worden uitgesloten, en de diepgang is ongeveer 155 kg per centimeter (870 lbs per inch), waardoor ze onder belasting voorspelbaar stabiel blijft liggen. De standaard schootvoering vereist lijnen met een diameter van 10 mm overal: een 8,0 meter fok- en genuaschoot, een 20,0 meter grootzeilschoot en een 17,6 meter spinnakerschoot. De vinkiel steekt afhankelijk van de belasting ongeveer 1,85 tot 1,95 meter, wat haar een reële limiet in ondiep water geeft ondanks de bescheiden romplengte. (1)
Accommodatie
Binnenin is de Bravo uitgerust met zes slaapplaatsen, een aantal dat de vijfpersoons-homologatie van de fabrikant ondersteunt en tegelijkertijd één extra zeekooi overlaat voor een kind of bemanningslid. Vergelijkingen uit die tijd plaatsen het interieurvolume boven de 82 procent van vergelijkbare zeilboten, wat past bij de brede rompvorm van 2,90 meter. Het is in de eerste plaats een leefbaar toerontwerp, waarbij het volume is gericht op weekenden en korte kusttochten in plaats van zelfvoorzienendheid op open zee.
Bekende problemen
De belangrijkste aandachtspunten zijn inherent aan de cijfers: de ballastverhouding ligt net onder het gemiddelde voor weerstand tegen helling, waardoor ze eerder zal hellen dan een hedendaagse boot met zwaardere ballast, en de kapseiscoëfficiënt van 2,28 bevestigt dat ze niet is ontworpen voor oceaanraces. Een koper moet dit zien als ontwerplimieten, niet als gebreken — de romp zelf is onzinkbaar ingedeeld en de constructie is eenvoudig massief polyester.
Refits en eigendom
De Bravo kan worden uitgerust met een binnenboordmotor, hoewel er geen specifieke merknaam of vermogen wordt genoemd. Omdat de productie in 1984 eindigde, is elk overlevend exemplaar een kandidaat voor verouderde systemen: motor, bedrading en het staand want moeten worden beoordeeld op hun staat in plaats van de originele specificaties. De eenvoudige polyester romp en vinkiel maken een structurele keuring eenvoudig, en de onzinkbare certificering vermindert de zorgen over kleine doorvoeren als deze correct zijn gerepareerd.
Het oordeel
De Challenger Bravo is een compacte, brede Franse toerzeiler die qua interieurruimte boven haar lengte uitpakt en een echte onzinkbare classificatie heeft. Ze is een verstandige kust- en tweedeklasser, geen wedstrijdboot of oceaanzeiler. Het ontwerp van Gaubert is eerlijk over zijn grenzen, en de solide polyester constructie houdt het eigendom betaalbaar.
Pluspunten
- Brede romp met een interieurvolume dat dat van de meeste vergelijkbare ontwerpen overtreft
- Door de fabrikant als onzinkbaar geclassificeerde constructie in massief polyester
- Voorspelbaar vaarvermogen en gematigd zeilplan voor ontspannen toervaren
Minpunten
- Gemiddeld ondermaatse hellingsbestendigheid door een ballastverhouding van 38 procent
- Kapseiscoëfficiënt van 2,28 sluit gebruik in oceaanwedstrijden uit
- Diepgang van de vinkiel van bijna 1,95 meter beperkt zeer ondiepe ankerplaatsen









